|
Koolstofdioxide is onontbeerlijk voor de fotosynthese waarbij groene planten de lichtenergie
en CO2 gebruiken om te zetten in water en suiker. CO2 verhoogt de
productiviteit door de groei en de kracht van de planten te verbeteren. CO2 wordt
door de glastuinbouwer beschouwd als een voedingselement voor de planten.
Voor de meeste types serreteelt stijgt het fotosynthetische rendement wanneer de concentratie
van CO2 van 340 naar 1000 ppm (parts per million) gaat.
De omgevingslucht bevat normaal ongeveer 340 ppm CO2. Alle planten ontwikkelen zich
goed bij deze concentratie maar wanneer het CO2-gehalte 1 000 ppm bereikt, stijgt de
fotosynthese proportioneel wat zorgt voor meer suikers en koolhydraten voor de plant. Elke teelt
in volle groei in een afgesloten serre met weinig of geen ventilatie kan overdag het CO2-gehalte
in de serre doen dalen tot 200 ppm. De daling in de fotosynthese die wordt waargenomen wanneer het
CO2-gehalte daalt van 340 naar 200 ppm is van dezelfde grootte orde als de fotosynthetische
toename die veroorzaakt wordt door een verrijking van 340 naar 1 300 ppm.
Algemeen gezien heeft een daling van de concentratie koolstofdioxide tot onder het niveau van de
omgevingslucht een groter effect dan een verrijking van de lucht in de serre.
In nieuwe serres, en in het bijzonder in dubbelwandige serres met een lage
gasuitwisseling, kunnen de CO2-gehaltes op bepaalde momenten in het jaar gemakkelijk tot
onder de 340 ppm dalen, wat een verregaand negatief effect heeft op de groei. Ventilatie overdag
kan het CO2-niveau iets doen stijgen maar kan het nooit opnieuw tot over de drempel van
340 ppm brengen. Verrijking met CO2 lijkt dus het enige middel te zijn om aan dit tekort
tegemoet te komen en ook om het gehalte boven de drempel van 340 ppm te brengen, wat gunstig is
voor de meeste gewassen. Het niveau tot waar men kan gaan, hangt af van het type plant, de
lichtintensiteit, de temperatuur, de ventilatie, het groeistadium van de plant en de rentabiliteitsfactoren
van de teelt.
Vermits de serre niet volledig afgedicht is, komt er voortdurend buitenlucht
binnen (die slechts 340 ppm CO2 bevat). De lucht die via infiltratie in de serre wordt
ingebracht zorgt grosso modo voor een volledige verversing van de lucht één maal per uur.
Om deze verdunning te compenseren en de gewenste concentratie van 1 300 ppm CO2
te behouden, moet men ongeveer 0,37 kg CO2 per 100 m2 grondoppervlakte toevoegen.
Het gebruik van vloeibare CO2 heeft het voordeel dat het geen
onzuiverheden bevat zodat men niet het risico loopt om gewassen te beschadigen door een onvolledige
verbranding. Vloeibare koolstofdioxide produceert geen warmte noch vocht, maakt dus een betere
afstelling van de CO2-gehaltes mogelijk en biedt de mogelijkheid om voortdurend
koolstofdioxide in te brengen binnenin het plantendek. De zuivere CO2 wordt in bulk
aan de serre geleverd door een vrachtwagen. Elke site moet voorzien zijn van een speciale tank
die men bij ACP Belgium kan huren. De gecomprimeerde CO2 is in vloeibare toestand en moet
verstoven worden. In een serre is het distributiesysteem voor vloeibare koolstofdioxide minder complex
en eenvoudiger om te installeren. De meeste glastuinders gebruiken slangen van zwart vinylchloride (PVC)
die op een gepaste tussenafstand geperforeerd zijn. Voor kleine exploitaties kan de CO2 in
cilinders verkocht worden.
Klik hier voor een praktijkvoorbeeld. |